Vertaalproject: Boekhouders van de Holocaust. Nederlandse ambtenaren en de collaboratie

 
‘De ambtenaren waren boekhouders van de Holocaust en ze hielden hun boeken pijnlijk nauwkeurig bij. De verliespost waren de anderen. Dat was het brandoffer – de letterlijke vertaling van ‘Holocaust’ – van de Joden.’

Vertaalproject

Er wordt gewerkt aan een vertaling van dit boek in het Engels. Buitenlandse literatuur over de Nederlandse Holocaust is nog (te) schaars. Het is belangrijk om een compleet beeld van de Nederlandse Holocaust internationaal in de Holocaust-literatuur kaart te brengen. Een vertaling van het boek van 730 pagina’s kost ongeveer een bedrag van € 10.000,- Als dit bedrag binnen is kan er een aanvang met vertalen worden gemaakt. Een tweede stap van redactie en correctie zal ongeveer € 5.000,- kosten. Afhankelijk van het feit of er en buitenlandse uitgever gevonden kan worden, kan er dan in ieder geval een digitale uitgave als e-Boek worden uitgebracht die toegang mogelijk maakt tot de internationaleHolocaust-literatuur 

Stichting Nobel (culturele anbi) werft fondsen om dit project mogelijk te maken. Als u wilt bijdragen zie dan de pagina ‘contact’ of mail ons voor meer informatie.

Rob Bakker (1949) werkte zijn doctoraalscriptie uit 2011 met de gelijknamige titel uit tot een uiterst leesbaar boek van 730 pagina’s. Het boek volgt het gehele ambtelijke traject van de Jodenvervolging in Nederland: vanaf de eerste belofte van de secretarissen-generaal aan Rijkscommissaris Seyss-Inquart, ‘Loyalster Zusammenarbeit’ op 29 mei, tot de allerlaatste registratie uit het bevolkingsregister van de Westerbork: ‘Afgevoerd‘. 

Met name de laatste twintig jaar verschenen steeds meer onderzoeken naar de expliciete Nederlandse rol in de Jodenvervolging en dan gaat het niet meer om ‘goed of fout’, maar om het gehele specifiek Nederlandse handelen. Dat definieer ik in navolging van de internationale literatuur als collaboratie. Wat betreft de ambtenaren: een uiterst precieze uitwerking van de Duitse verordeningen, een vlekkeloze papieren begeleiding en de daadwerkelijke uitvoering.

Ongekend onrecht

Het anti-Joodse beleid werd na de oorlog voortgezet, het economische landsbelang ging voor de rechten van de Joden. In het boek omschreven als een naoorlogs ‘juridisch getto’. Het ongekende onrecht van de Holocaust duurde tot dit jaar met de excuses voor het handelen van de overheid 1940-1945 door de minister-president in januari 2020 en deels met de verontschuldiging van de koning op 4 mei voor het (niet)handelen van zijn overgrootmoeder, koningin Wilhelmina. Daarmee is het onrecht nog niet hersteld: nu pas beginnen de gemeenten, 450 van de 1050 gemeenten hadden Joodse inwoners, hun eigen bedenkelijke verleden langzaam en aarzelend te onderzoeken: de afgenomen huizen en bezittingen, het lokale onrecht dat nooit erkend en vergoed is.

Wat anderen schreven

NIW: ‘Niet eerder is dit handelen integraal en samenhangend gepresenteerd. Bakker heeft de collaboratie zorgvuldig gedocumenteerd, om antwoord te kunnen geven op de vraag: hoe heeft dit kunnen gebeuren? En daarbij: hoe moet herhaling voorkomen kunnen worden?’

Binnenlands Bestuur, het vakblad voor de ambtenaren: ‘Inktzwart boek over ambtenarij in WO II. Weinig licht in het duister. De hele Trias Politica zakt door het ijs. Het ijzingwekkende boek over Nederlandse ambtenaren tijdens en na de Tweede Werelddoorlog.’

Nederlands Dagblad: ‘Beschrijft en analyseert de rol van de Nederlandse ambtenaren bij de Jodenvervolging. Grondig en breed, helder en systematisch. Het is een standaardwerk.’

Gooi- en Eemlander (NH Dagblad, Leidsch Dagblad) ‘Ambtenarij bouwde papieren Jodenkamp’.

Salo Muller: ‘Dank. Jouw boek was/is geweldig. Veel geleerd.’

Bob van Pareren, lid Eerste Kamer: ‘Indrukwekkend en openbarend.’

Eerste project: Kinderen van de Staat

Kinderen van de Staat. Jeugdzorg in ademnood

Najaar 2020 verschijnt het eerste project van de Stichting Nobel, onder de imprint Nobel Boeken. Een schokkend verslag van de stand van zaken van de jeugdzorg in Nederland. In ons land hebben 180.000 kinderen een min of meer psychische aandoening, van licht to zwaar, van adhd, tot autisme, van licht tot zwaar psychiatrische aandoeningen, veelal veroorzaakt door een jeugd van verwaarlozing, mishandeling, misbruik, drugs, alcohol financiële misere, te veel om op te noemen. Van onze kinderen wonen er 46.000 niet meer bij hun ouders, voor een deel in een pleeggezin, soms vrijwillig en heel vaak niet: meer dan 30.000 kinderen hebben een verplichte, niet aan te ontkomen Onder Toezicht Stelling. Dat zijn de Kinderen van de Staat. In dat geval zijn zowel de ouders als de kinderen (tot hun 18e jaar) al hun rechten kwijt. Jaarlijks zitten drieduizend kinderen in een gesloten inrichting waar nauwelijks behandeling is, ze niemand zien en ze nooit genezen. Dat alles onder de eufemistische benaming ‘JeugdZorgPlus’. Ook worden jaarlijks tientallen kinderen onder de 12 jaar opgesloten. Nederland heeft per miljoen inwoners maar liefst 420 kinderen in een gesloten inrichting, Denemarken 5, België 15, Duitsland 85. Kinderen zonder recht, zonder uitzicht, Kinderen van de Staat in een goelag archipel die drijft op zakelijke en financiële belangen.

De wereld van de jeugdzorg staat in brand. Het is chaos. Kinderen en ook ouders zijn de slachtoffers. Er zijn wachtlijsten voor ongeveer alle soorten van jeugdzorg; hulp bij opvoedproblemen, bij leerproblemen, of bij autisme. Maar ook bij zeer ernstige psychiatrische aandoeningen als eetstoornissen of suïcidaliteit. Jaarlijks worden er zo’n 46.000 kinderen uit huis geplaatst en zitten er soms tot 3.000 kinderen in een gesloten instelling. Kinderen die uit huis zijn geplaatst worden Kinderen van de Staat, maar voldoende toezicht van de staat ontbreekt. Kinderen worden toevertrouwd aan voogden en aan commerciële organisaties, waar gemotiveerde medewerkers op de vloer vaak overwerkt zijn. Marktwerking richt zich op omzet en concurrerende partijen drukken elkaar uit de markt ten koste van de kwaliteit van de jeugdzorg. Aanbestedende wethouders van gemeenten geven jeugdzorg in handen van private organisaties. Financiële structuren van die op winst beluste bedrijven zijn niet transparant.

Nederland is kampioen uit huis plaatsen. Kinderen komen hier meer dan in welk ander land in pleeggezinnen of instellingen terecht. Vaak ook in gesloten instellingen voor jeugdzorg, de zogeheten JeugdzorgPlus. Ze gaan achter tralies. Er is geweld, van personeel richting kinderen en agressie tussen de jongeren onderling. Kinderen belanden er, onder het mom van veiligheid, veelvuldig in de isoleercel. Naakt met alleen een mensonterende ‘scheurjurk’ aan. Kinderen van de Staat beschrijft ook hoe alle kinderen die in pleeggezinnen en in – gesloten – instellingen terechtkomen, vervolgens levenslang zijn getraumatiseerd.

Hélène van Beek, auteur

Hélène van Beek (1964) is onderzoeksjournalist. Zij werkt(e) onder meer voor dagblad Trouw en voor Zembla en ‘Witteman Ontdekt’ (VARA-tv). Van 2010 tot op heden maakte zij reportages voor Argos (onderzoeksjournalistiek VPRO-radio). Daarvoor was zij achttien jaar verslaggever voor dagblad De Gelderlander. Van Beek studeerde nieuwste geschiedenis en persgeschiedenis aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Ze volgde daarna de postdoctorale opleiding journalistiek voor academici. Hélène van Beek is lid van de Vereniging van Onderzoeksjournalisten (VVOJ).

Wat is onafhankelijke literatuur?

De literatuur staat onder druk. Onder druk van commerciële sites en andere commerciële belangen komt de literatuur in het nauw die niet-commercieel gericht is. Uitgeverij mikken te vaak op bestsellers die zich in binnen- of buitenland bewezen hebben. Verkoopcijfers gaan al te vaak voor de inhoud. Een ander geluid in de literatuur, met name de maatschappijkritische teksten of datgene wat tegen heersende belangen in gaat, krijgt steeds minder plaats. Boeken zijn een product. Terwijl het ook andersom kan gaan: niet uitgaan van een product, maar uitgaan van wat aandacht verdient en het niet krijgt. Uitgaan van wat verandering behoeft of van zaken die onthuld en belicht moeten worden. Niet om een product te maken, maar om zaken te belichten waar de maatschappij of de democratie in de eerste plaats mee gediend zijn.

Om dat te bewerkstelligen is er een ander model nodig om die literatuur te financieren dan het gebruikelijke commerciële model: hopen dat een boek sowieso in de winkels komt te liggen, aandacht krijgt bij een groter publiek en dan, al dan niet moeizaam, verkocht gaat worden. Er is een ander model nodig en het internet kan dat model uitdragen: uitgaande van een gesignaleerd substantieel belangrijk onderwerp, kan er via crowdfundingplatform, via evenementen, via donaties een inkomensbron worden gegenereerd voor ‘het goede doel’. Een ideëel doel waarin mensen bereid zijn te investeren met kleine of grote gaven. Dat betekent dat een uitsluitende fictie op het geschreven woord te smal is: literatuur vraagt ook om gesproken teksten, om visueel zichtbaar gemaakte teksten, niet allen zichtbaar op papier met inkt, maar ook digitaal zichtbaar voor alle lagen van de maatschappij.

Dat is de doelstelling van de Stichting NOBEL, Nederlandse Onafhankelijke Behartiging van Literatuur, sinds 1983.

Als doelstelling omschreven onze oprichtingsstatuten: Het behartigen van literatuur in de breedste zin van het woord, zowel fictie als non-fictie, met name onderwerpen op het gebied van maatschappelijke, culturele en politieke onderwerpen die in het algemeen belang vragen om openbaarheid. Daarnaast behartigt de stichting in het algemeen literatuur die van literair- of journalistiek belang is.